Back to Top

Bidon

 
Hoe kunnen we onze bodemkwaliteitsinformatie meervoudig en maatschappelijk optimaal toepassen? Dat is de vraag die netbeheerders en overheid zich de afgelopen jaren steeds vaker gesteld hebben. Netbeheerders zijn vanuit Arbo-regelgeving in toenemende mate geacht vóór graafwerkzaamheden de kwaliteit van de bodem te kennen. Zodoende kunnen grondwerkers beschermd worden tegen eventueel aanwezig bodemverontreiniging. Bij elke graafklus zou een netbeheerder bodemonderzoek kunnen laten uitvoeren, maar bij 260.000 graafbewegingen per jaar zou dit de branche ongeveer 0,4 miljard euro kosten. Deze kosten zijn vermijdbaar omdat de kwaliteit van de bodem ter plekke vaak al
beschikbaar is. Kabels en leidingen liggen in sterk dynamische gebieden die veelal al onderzocht zijn. De beschikbare informatie kan vaak hergebruikt worden, soms ter vervanging van nieuw onderzoek, of als broninformatie bij vooronderzoek. Toch bleek de bestaande informatie vaak slecht toegankelijk. Elke gemeente kiest zijn eigen manier van dataontsluiting. Soms via internet, soms via haar fysieke loket. Data wordt niet altijd goed uitgewisseld tussen provincie en gemeente, niet alle overheden doen mee aan Bodemloket.nl en er is een grote verscheidenheid aan verstrekkingsvoorwaarden.

Naar aanleiding daarvan is het programma BIDON gestart. BIDON heeft als doel het hergebruik van milieuhygiënische bodemgegevens te verbeteren met als
beoogd resultaat: efficiëntere processen bij de stakeholders, lagere kosten in de keten en veilig werken in grond.

BIDON is een initiatief van de netbeheerders waarbij BIDON intensief samenwerkt met de betrokken partijen zoals gemeenten, provincies, omgevingsdiensten, ICT leveranciers en bodemadviesbureaus voor de uitwerking en realisatie. Het project wordt financieel ondersteund door het UP en gefaciliteerd door het Kennis- en Innovatieprogramma Bodem en Ondergrond.
 
 
 

755